Met raapwerk worden ruwe wanden en plafonds vlak en strak gemaakt met behulp van een laag gips tussen ca. 5 milimeter en 5 centimeter dik. Scheve wanden of plafonds worden weer recht gemaakt door dikker of dunner te 'rapen'.

Met raapwerk kunnen togen en ronde profielen worden verwerkt of een open haard glad worden gemaakt.

Het eindresultaat moet nog wel afgewerkt worden, bijvoorbeeld met latex (verf), behang of sierpleister (spachtelputz).